Nieuwe begeleidingsarrangementen maken
MusiCAD levert een heel stel begeleidingsarrangementen (zoals bruikbaar onder ) als voorbeeld mee.
Zelf herbruikbare nieuwe begeleidingsarrangementen maken kan uiteraard ook, maar vereist wel dat je leert hoe e.e.a. in MusiCAD in elkaar steekt.
Wat heb je nodig?
- een of meer patronen (arrangementbestanden) die van toepassing worden voor de begeleiding.
- een sjabloon waarin deze arrangementbestanden worden gebruikt.
De begeleiding kan alleen gebruikt worden als de arrangementbestanden ook aanwezig zijn voor de maatsoort van de muziek die je wilt laten begeleiden. Als je melodische begeleiding wilt moeten er ook akkoordsymbolen bij de muziek staan opgegeven. Als de begeleiding alleen ritmisch is zijn akkoordsymbolen natuurlijk niet noodzakelijk.
Rumba
Laten we eens kijken hoe een begeleidingsarrangement voor een rumba eruit zou kunnen zien:
baspartij:
gitaarpartij:
clavespartij:
Zoals je meteen ziet zijn de partijen ritmisch een stuk ingewikkelder dan de automatische bas- en akkoordpartijen die MusiCAD altijd al gebruikt. Om er voor te zorgen dat bovenstaande patronen gebruikt worden, is een sjabloon nodig waarin de arrangementsbestanden opgegeven worden. Voor ieder arrangementsbestand heb je een regel met USEPATTERN nodig:
!# USEPATTERN(rumba-bas); !# USEPATTERN(rumba-guitar); !# USEPATTERN(rumba-claves);
MusiCAD kijkt naar de maatsoort van de te begeleiden muziek. In de veronderstelling dat dat 4/4 is, zijn dan nodig:
- pat-4-4-rumba-bas.arr
- pat-4-4-rumba-guitar.arr
- pat-4-4-rumba-claves.arr
Voor een prettig bruikbaar sjabloon zijn nog een paar regels meer nodig; het sjabloon mc-patLatin-Rumba.msj ziet er bijvoorbeeld uit als:
melodie "#gAccomp|#patLatinRumba"; !# REQUIRE( nChords>0, #errNoChordsFound ); !# REQUIRE( sMeter=4/4, #errNeed4-4 ); !# DELETEPART( AUTO ); !# USEPATTERN(rumba-bas); !# USEPATTERN(rumba-guitar); !# USEPATTERN(rumba-claves); !# SET( sInfo, [Rumba] );
Achtereenvolgens gebeurt daarmee het volgende: controleer of er akkoordsymbolen aanwezig zijn (nChords>0); controleer of het een 4/4 maat betreft (sMeter=4/4) zonee geef een foutmelding; Verwijder alle eventueel aanwezige automatische partijen (DELETEPART( AUTO )). Het is nu zeker dat de muziek in 4/4 staat, akkoordsymbolen bevat en geen andere arrangementen heeft. Nu kunnen de USEPATTERN instructies drie arrangementbestanden gebruiken om het arrangement te maken.
Er worden dus op basis van de akkoorden in de huidige melodie drie partijen bijgemaakt: de rumba-baspartij, gitaarpartij en claves-partij maken gebruik van de respectievelijke arrangementpatronen en de opgegeven akkoordsymbolen in de te arrangeren muziek.
De melodietitel "#gAccomp bevat twee te vertalen teksten: gAccomp en patLatinRumba die uit het vertalingsbestand opgehaald worden. Teksten die niet beginnen met een # worden letterlijk gebruikt. De melodietitel wordt zichtbaar in het sjabloonoverzicht.
De tekst in de melodietitel voor de | is de naam van de groep waaronder het sjabloon te vinden in het sjabloonoverzicht, hier dus de vertaling van gAccomp: Begeleidingspatronen
Tot slot wordt de parameter 'sInfo' gevuld met de tekst 'Rumba' zodat rechtsboven zichtbaar wordt dat arrangement 'Rumba ' gebruikt wordt SET( sInfo, [Rumba] ) De vierkante haken zorgen voor een kader om de tekst.
Het (meegeleverde) bestand Aura Lee.mc met daarop losgelaten het rumba-arrangement ziet er dan uit als hieronder:
Om alle automatische partijen zichtbaar te maken is gebruikt en
om alle tekst onzichtbaar te maken. Daarna is met
alles kleiner gemaakt en met
zijn de noten dichter bij elkaar gezet om alles op een pagina te krijgen.
Aanpassen
Veranderen van een begeleidingsarrangement kan door bewerken van het betreffende opmaaksjabloon en door het bewerken van de daarin betrokken arrangementsbestanden. Beide hebben alleen gevolg voor nieuwe arrangementen; na toepassen van een begeleidingsarrangement wordt de inhoud van gebruikte arrangementsbestanden al automatische partij opgenomen in het muziekbestand. Net als bij andere automatische partijen worden deze na een bewerking een gewone partij als alle andere.
De partijen van een begeleidingsarrangement, de arrangementsbestanden kun je aanpassen door de betreffende bestanden .arr te openen en op de notatiebalk aan te passen. Handiger kan dat door in het partijoverzicht te rechtsklikken op de partijnaam; MusiCAD opent het bijbehorende arrangementsbestand ter bewerking, en onthoudt van waaruit de bewerking plaatsvond. Na
wordt dat bestand weer heropend. Om het gewijzigde arrangementsbestand actief te maken pas je het betreffende begeleidingsarrangement opnieuw toe
.